De knikkers van Qadir - Leo Bormans & Qadir Nadery | Afghanistan

De knikkers van Qadir: Afghanistan

> Terug naar homepage

30 Hazara gedood op school
25/10/2020

Op de foto’s van de persagentschappen liggen stapels bebloede schoolboeken en lijken van kinderen, jongeren en studenten. Minstens 30 jongeren werden door een zelfmoordaanslag gedood bij een school van Hazara in Kabul. Meer dan 70 anderen werden gewond. De aanslag werd opgeëist door ISIS, de Afghaanse tak van IS. De slachtoffers komen vooral van arme families die hun kinderen naar de hoofdstad stuurden om er te kunnen studeren ‘voor een betere toekomst’. In deze wijk (Dasht-e Barchi) waar vooral Hazara wonen vielen al vele doden: 39 bij de aanval op de Imam Zamam moskee in 2017, 34 bij een aanval op een school in 2018, 20 op een sportclub in 2018, 15 vrouwen en kinderen in het kinderziekenhuis in mei 2020… Doelgerichte aanslagen op burgers zijn zware oorlogsmisdaden maar niemand grijpt in. (Bronnen UPI/The Guardian/Human Rights Watch)

Taliban vermoorden 25 soldaten
22/10/2020

Bij een aanval van de taliban op het dorp Baharak in het noorden van Afghanistan kwamen meer dan 25 regeringssoldaten om. Waarschijnlijk vielen er nog veel meer doden. De meeste districten van deze regio hebben de taliban al jaren onder controle. De regeringstroepen krijgen er geen voet aan de grond. (Bron: DPA/AFP)

Zeker 18 doden bij bomaanslagen
11/10/2020

Bij een bomaanslag werd gisteren een hooggeplaatste medewerker van het Afghaans ministerie van Onderwijs. Hij stond bekend voor zijn werk als vredesactivist en onderzoeker. Abdul Baqi Amin kwam om door een bom die onder zijn auto geplaatst werd, en die ook zijn chauffeur verwondde. In De Knikkers van Qadir vertelt Qadir vaak over zijn werk bij internationale organisaties waarbij bomaanslagen schering en inslag zijn. (Bron: De Morgen)

Vredesactivist gedood in Kabul
20/08/2020

Bij een bomaanslag werd gisteren een hooggeplaatste medewerker van het Afghaans ministerie van Onderwijs. Hij stond bekend voor zijn werk als vredesactivist en onderzoeker. Abdul Baqi Amin kwam om door een bom die onder zijn auto geplaatst werd, en die ook zijn chauffeur verwondde. In De Knikkers van Qadir vertelt Qadir vaak over zijn werk bij internationale organisaties waarbij bomaanslagen schering en inslag zijn. (Bron: De Morgen)

Bloedbad voor feestdag 
19/08/2020

Op de dag van de 101ste verjaardag van de ‘onafhankelijkheid’ van Afghanistan vielen gisteren vele doden. Bij verschillende raketaanvallen zijn minstens drie mensen omgekomen. Er vielen ook 16 gewonden, onder wie vier kinderen en een vrouw. Een van de raketten kwam terecht in de buurt van het presidentieel paleis. Er raakten daarbij zes leden van de presidentiële garde gewond. Binnenkort start de regering zogeheten ‘vredesgesprekken’ met de taliban. Wie achter de aanvallen zit is echter onduidelijk.  (Bron: De Morgen)

Vluchtelingen ontvoerd en gedropt in volle zee
18/08/2020

‘De situatie in de Griekse vluchtelingenkampen (waar Qadir arriveerde na de oversteek van Turkije naar Griekenland) wordt alsmaar schrijnender’, zo meldt The New York Times. Tienduizenden mensen kwijnen er weg in barre omstandigheden. Sinds het uitbreken van Corona werd het alleen maar erger. Minstens 1072 asielzoekers werden door de Griekse autoriteiten op volle zee gedropt. Sommigen van hen werden door gemaskerde personen ontvoerd uit een Grieks vluchtelingenkamp, op een gammel bootje zonder motor gezet en gesleept naar volle zee, richting Turkije. Er werd hen blijkbaar eerst verteld dat ze naar een ander eiland zouden worden gebracht. Maar dat bleek niet waar. Sommigen dobberden uren wanhopig rond tot de Turkse grenswacht hen weer oppakte. ‘Deze pushbacks druisen tegen alle wetten in’, zegt François Crépeau, voormalig VN-rapporteur van de mensenrechten voor migranten, in The New York Times. ‘Maar iedereen knijpt de ogen dicht’. (Bron: De Wereld Morgen)

5.000 gevangenen
10/08/2020

De taliban willen pas aan de onderhandelingstafel als al hun gevangen strijders worden vrijgelaten. Dat zijn er ongeveer 5000. De meesten zijn ondertussen vrij maar de laatste 400 worden omschreven als ‘zeer gevaarlijk’. Zij pleegden talrijke aanslagen. Toch heeft de Afghaanse Volksraad nu besloten om ook deze gevangenen vrij te laten. Ondertussen gaat het geweld in Afghanistan gewoon voort. Eind juli vielen er nog minstens zeventien doden door een aanslag met een bomauto in het oosten van het land.

Tientallen bootjes over het Kanaal 
05/08/2020

Steeds meer mensen wagen zich aan de gevaarlijke overtocht vanuit Frankrijk over het Kanaal naar het Verenigd Koninkrijk. In juli 2020 slaagden daar waarschijnlijk meer dan duizend mensen in. Op één dag werden 235 mensen geteld die in zeventien bootjes vanuit Frankrijk het Kanaal overstaken. Dat is een recordaantal. De Britse regering sluit de inzet van de marine niet uit om de stroom te stoppen.
 

Meer dan 1.000 doden
01/08/2020

In 2019 zijn volgens officiële cijfers minstens 1246 mensen omgekomen tijdens hun oversteek van de Middellandse Zee.

> Terug naar homepage

 


 

De oorlog in Afghanistan

Vanaf het begin van de 18de eeuw werd Afghanistan geregeerd door diverse Pashtunse koningshuizen. De laatste koning, Zahir Shah, regeerde van 1933 tot 1973. Al in de jaren 1920 deed koning Amanullah inspanningen om het land te moderniseren en in 1965 kwam er een parlement met vrije verkiezingen. Een groeiende groep jongeren kreeg de kans om te studeren, vaak in het buitenland. De verschillende invloeden – communisme in de Oostbloklanden en politieke islam in het Midden-Oosten – leidden echter tot oplopende spanningen. In 1973 werd de republiek uitgeroepen na een staatsgreep en in 1978 vond er opnieuw een militaire coup plaats door communistische bewegingen. De nieuwe communistische regering botste door haar radicale hervormingsplannen met de traditionele machtsstructuren. Op het platteland en over de grens in Pakistan groeide de islamitische verzetsbeweging, een bonte verzameling strijders die de naam ‘moedjahedien’ kreeg. Daarop viel de Sovjet-Unie op 24 december 1979 het land binnen. Bij de eerste aanvallen op de stad Herat vielen meer dan 20.000 doden. Gedurende negen jaar oorlog met de moedjahedien, die bewapend en gefinancierd werden door de Verenigde Staten en Saoedi-Arabië, stuurde de Sovjet-Unie meer dan 600.000 soldaten naar Afghanistan. Naar schatting twee miljoen Afghanen lieten het leven, waarvan meer dan 90 procent burgers. Er vluchtten meer dan vijf miljoen mensen, voornamelijk naar de buurlanden Pakistan en Iran. Meer dan 100.000 internationale islamisten – Pakistanen, maar ook Oezbeken, Saoedi’s en Algerijnen – kwamen meevechten met de moedjahedien. Maar de Sovjets en de Afghaanse communisten slaagden er niet in om meer dan 20 procent van het grondgebied te controleren. Op 15 februari 1989 trokken de Sovjettroepen zich terug uit Afghanistan. Daarna ontstond er een verwoestende burgeroorlog tussen allerlei gewapende groepen en de vroegere moedjahedien die om de macht streden. De regering onder leiding van Mohammed (Najib) Nadjiboellah verloor helemaal de controle, toen de Sovjet-Unie in elkaar klapte. Dat wakkerde de strijd tussen de verschillende krijgsheren en gewapende groepen nog meer aan.

 

In 1994 staken de taliban de kop op. Zij ontstonden als een groep conservatieve predikanten en seminaristen die de alomtegenwoordige moord en brandschatting een halt wilden toeroepen. Ze ontwikkelden zich tot een fundamentalistisch, religieus leger dat al snel een groot deel van het land in de greep kreeg, onder meer dankzij de steun van Saoedi-Arabië en Pakistan. In 1996 viel uiteindelijk de hoofdstad Kabul in hun handen. De taliban hingen regeringsleider Najib op, herstelden wet en orde, maar voerden daarna een genadeloos schrikbewind. Hun erg strikte interpretatie van het islamitisch recht, de sharia, domineerde het leven, de economie en de rechtspraak.

 

Op 11 september 2001 voerde terreurgroep Al Qaida meerdere aanslagen uit in de Verenigde Staten en vernietigde daarbij onder andere de Twin Towers van het World Trade Center in New York. Hun leider Osama Bin Laden verbleef al in Afghanistan sinds 1996, enkele maanden voor de machtsovername door de taliban. De Amerikanen zochten vergelding voor de bijna 3000 slachtoffers van de aanslagen. Op 7 oktober 2001 vielen zij, samen met het Verenigd Koninkrijk, Afghanistan binnen onder de codenaam Operation Enduring Freedom. Tijdens de eerste drie maanden van wat voor de inwoners een nieuwe oorlog betekende, kwamen al meer dan 20.000 Afghanen om. Het talibanregime werd op minder dan twee maanden uitgeschakeld en in december 2001 met westerse steun vervangen door een regering onder leiding van president Hamid Karzai. Afghanistan kreeg meteen een nieuwe grondwet. In de daaropvolgende jaren werd Afghanistan militair gecontroleerd door een coalitie van landen onder leiding van de NAVO en de Verenigde Staten (ISAF, International Security Assistance Force). Ook Nederland en België stuurden militairen en gevechtsvliegtuigen naar Afghanistan.

 

Aanvankelijk stond de Afghaanse bevolking positief tegenover het nieuwe regime, maar al snel bleek dat de nieuwe machthebbers in grote mate bestonden uit krijgsheren die in de jaren 1990 mee verantwoordelijk waren geweest voor de verwoesting van het land. Corruptie en etnische tegenstellingen kelderden het vertrouwen in de regering. Intussen hadden de taliban en andere groepen zich op het Afghaanse platteland en in de bergachtige grensregio in Pakistan gehergroepeerd. De aanvallen en aanslagen op het regeringsleger en de internationale coalitie namen doorheen de jaren toe. De oorlog eiste elk jaar duizenden slachtoffers onder burgers, soldaten en politiemensen. Hoewel de ISAF al snel permanent 50.000 soldaten in Afghanistan had, kwam de nieuwe regering onder grote druk te staan. President Obama besloot daarom vanaf 2008 het aantal Amerikaanse en internationale soldaten op te voeren tot er in 2011–2012 ongeveer 150.000 gewapende militairen uit het buitenland actief waren. Tussen 2001 en 2019 hebben in totaal meer dan 750.000 Amerikaanse soldaten minstens één keer dienstgedaan in Afghanistan.

 

In mei 2011 werd Osama Bin Laden op Pakistaans grondgebied gedood door Amerikaanse elitetroepen. Zijn uitschakeling veranderde maar weinig aan de situatie in Afghanistan en bracht geen stabiliteit. Toch besloten verschillende buitenlandse troepen zich stilaan terug te trekken. Toen in 2012 enkele militairen op de Amerikaanse basis in Bagram korans zouden hebben verbrand, keerde de woede van veel Afghanen zich tegen hen. Zij geloofden de taliban, die beweerden dat de buitenlanders het land helemaal niet kwamen bevrijden, maar dat zij eropuit waren de islam te vernietigen. In 2014 begonnen de Verenigde Staten en zeker de andere landen van de coalitie aan de terugtrekking van hun troepen, en werd Ashraf Ghani president. De taliban zetten hun strijd voort en hun invloed en aantal namen toe. Telden ze in 2006 nog zo’n 10.000 strijders, in 2016 zouden dat er minstens 60.000 zijn. De regering in Kabul kreeg het land nooit onder controle. Ze zou zelfs in niet veel meer dan een kwart van het grondgebied het heft in handen krijgen. Ook de hoofdstad wordt geregeld getroffen door aanvallen en aanslagen.

 

In 2018 vielen er meer dan 43.000 doden bij aanslagen en gevechten tussen het regeringsleger en de taliban. Ook in 2019 werden er volgens officiële rapporten ‘meer mensen gedood dan bij gelijk welk ander conflict in de wereld’. Volgens de Verenigde Naties zijn veruit de meeste doden op het conto van de taliban te schrijven, maar de bombardementen en nachtelijke operaties van de internationale troepen hebben bij de bevolking ook diepe littekens nagelaten. De taliban en andere groepen bleven vechten tegen de soldaten van de Afghaanse regering, de Verenigde Staten en hun bondgenoten. Eind 2018 opende de Amerikaanse regering-Trump onderhandelingen met de taliban. De Afghaanse regering, die door de taliban als marionetten van Amerika wordt bestempeld en onderling diep verdeeld is, werd niet bij de onderhandelingen betrokken. Eind februari 2020 ondertekenden de Verenigde Staten en de taliban een overeenkomst, die de weg moest vrijmaken voor echte vredesonderhandelingen tussen de Afghaanse regering en de taliban. De besprekingen zijn intussen aan de gang en de eerste gevangenen worden geruild, maar er vallen nog altijd veel doden bij aanslagen door de taliban en botsingen tussen de twee legers. De Verenigde Naties melden dat het geweld in Afghanistan opnieuw ‘alarmerend’ is toegenomen. In mei 2020 werden bijvoorbeeld in de regio van Qadir nog vijf Hazara levend verbrand en werden in Kabul zestien moeders en baby’s koelbloedig doodgeschoten bij een aanval op een kraamkliniek die door Artsen zonder Grenzen gerund werd in een wijk waar vooral Hazara wonen.

 

Het oorlogsgeweld in Afghanistan is doorheen de jaren in beperkte mate getekend door de etnische diversiteit van het land, maar dreigt – vooral door toedoen van extremistische groepen die zich verbinden met de Islamitische Staat – meer sektarisch te worden en zich dus te richten op religieuze verschillen. De meerderheid van de Afghanen bestaat uit soennitische moslims, ook al zijn ze etnisch verschillend als Pashtun, Oezbeken, Turkmenen en Tadzjieken. De Hazara zijn sjiitische moslims. Het grootste deel van de moderne geschiedenis is Afghanistan gespaard gebleven van sektarische conflicten. De grote uitzondering was de oorlog tussen emir Abdur Rahman en de Hazara op het einde van de 19de eeuw, toen de emir een fatwa verkreeg die de Hazara en alle andere sjiieten brandmerkte als ongelovigen. De Islamitische Staat en andere extremistische groepen nemen de Hazara nu als prioritair doelwit om zo hun eigen soennitische geloofsbrieven te versterken.

 

De meeste Afghanen blijven arm, ondervoed en verstoken van onderwijs en gezondheidszorg. Het land is volgens alle statistieken een van de armste, minst ontwikkelde en corruptste landen in de wereld. In de index van ‘gelukkige’ landen staat het zelfs helemaal onderaan. Het is ook een van de onveiligste plaatsen voor vrouwen. Ongeveer de helft van de bevolking heeft geen toegang tot drinkwater en de wegeninfrastructuur verkeert in een slechte staat. 40 procent van de bevolking is werkloos en meer dan de helft leeft onder de armoedegrens. 63 procent van de bevolking is jonger dan 25 jaar en de gemiddelde levensverwachting is er slechts 51 jaar, tegenover 82 jaar in grote delen van Europa.

 

Wereldwijd leven meer dan vijf miljoen Afghaanse vluchtelingen onder bescherming van de UNHCR, de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties. De meesten verblijven in buurlanden Iran en Pakistan. Slechts een minderheid komt in Europa terecht, waar de Afghanen (na de Syriërs) de grootste groep vluchtelingen vormen. Vluchtelingenwerk in Nederland en België stelt dat vluchtelingen uit Afghanistan bijzonder gevaar lopen als ze gewerkt hebben voor de buitenlandse troepen en/of deel uitmaken van etnische minderheden, zoals de sjiitische Hazara. Zij zijn vaak het doelwit van aanslagen, ontvoeringen en executies. Voor vrouwen en meisjes is de situatie bijzonder slecht. Zij krijgen nauwelijks kansen en zijn vaak het slachtoffer van geweld, zonder enige vorm van bescherming te genieten. 

 

> Terug naar homepage